Zoeken naar Bonnike

VEENENDAAL/REGIO - Op dit moment wordt in alle rust en zonder mediaaandacht gezocht naar vermisten uit de Tweede wereldoorlog. Eén van hen is de 21-jarige Paul Bonnike, die vanuit Veenendaal werkte voor de Geheime Dienst Nederland.

Paulus Maria Bonnike, geboren op 5 augustus 1923, werd op 24 april 1945 aan het eind van de ochtend aangehouden op de weg tussen Leersum en Amerongen. Paul Bonnike werkte vanuit Veenendaal voor de Geheime Dienst Nederland (GDN). De GDN was een zelfstandige organisatie, opgericht in de zomer van 1943, die onder leiding van het Bureau Inlichtingen werkzaam was. Bureau Inlichtingen was een Nederlandse geheime dienst die in Londen agenten trainde. De GDN had het land verdeeld in een Noord-, Midden-,West- en Zuidroute. Deze routes waren weer onderverdeeld in rayons met een rayonbureau. Aan het hoofd van zo’n bureau stond een bureauhouder die opdrachten gaf aan verkenners die het spionagewerk verrichtten. Bureauhouder in Veenendaal, dat tot de Middenroute behoorde, was Leonardus Maria Bonnike, verzetsnaam Herman, een broer van Paul. Pauls arrestatie gebeurde vermoedelijk door leden van de Waffen SS dan wel Feldgendarmerie, samen met leden van de Sicherheitspolizei (SD). Volgens Herman Bonnike had Paul tekeningen bij zich van de Duitse artilleriestellingen in de omgeving van Amerongen. Hij wilde niet vertellen voor wie de tekeningen bestemd waren en heeft vermoedelijk voorgewend dat de papieren zouden worden afgehaald. De Duitsers zouden hem vervolgens als “lokaas” met op de rug gebonden handen aan de kant van de Rijksstraatweg ongeveer ter hoogte van Zuylestein in het gras hebben gezet. Daarbij gingen ze zelf in een hinderlaag liggen in de hoop dat bekenden van Paul langs zouden komen om de tekeningen in ontvangst te nemen. Hij heeft daar van 12.00 tot 15.00 uur gezeten. Toen niemand kwam opdagen heeft de SD hem per auto naar Woudenberg vervoerd. Hij werd daar door een Duits en een Nederlands lid van de SD verhoord. Op de avond van dezelfde dag hebben deze twee Paul Bonnike vanuit hun bureau in Woudenberg meegenomen. Hij moest voor hen uit fietsen, terwijl zij achter hem reden met hun pistolen op hem gericht. Onderweg is de pas 21 jaar oude Paul in het gebied tussen Woudenberg en Zeist vermoedelijk doodgeschoten en onder de grond gestopt. Hij staat sindsdien als vermist te boek. Deze beide SD’ers zijn na de oorlog nooit verhoord, omdat ze uit Nederland gevlucht zijn.

In de Tweede Wereldoorlog is vooral tegen het eind een aantal personen verdwenen onder andere als gevolg van wilde executies door de Duitsers.Laat staan dat ergens geregistreerd werd waar deze slachtoffers door hen begraven zijn. Ook zijn er gevallen bekend van personen die vermoedelijk na doodgeschoten te zijn in een rivier zijn gegooid. Als jaren later een stoffelijk overschot werd gevonden, was vrijwel niet meer na te gaan wie het zou kunnen zijn. Een grote omslag bij de behandeling van het identificatieprobleem kwam nadat Alec Jeffries in 1984 de genetische vingerafdruk ontdekte. Doordat het DNA van ieder persoon uniek is, kan men, als men het DNA weet, thans wel de identiteit vaststellen. Dat gebeurde in 1992 bij de vaststelling van de stoffelijke resten van de beruchte kamparts Mengele over wie de meest wilde geruchten gingen. In Nederland is ten gevolge van deze nieuwe ontwikkeling in 2006 een nieuw lid 3 aan art. 21 van de Wet op de Lijkbezorging toegevoegd. Daarin staat dat een persoon van wie de identiteit niet bekend is, niet begraven mag worden voordat er DNA- materiaal is afgenomen. Sinds 1 april 2006 is er onder verantwoordelijkheid van het Ministerie van Binnenlandse Zaken een DNA-databank van vermiste personen. Deze databank wordt beheerd door het Landelijk Bureau Vermiste Personen, onderdeel van het Korps Landelijke Politiediensten. Worden ergens stoffelijke resten uit de oorlog gevonden, dan zal men alles in het werk stellen om de identiteit vast te stellen. Dit kan uiteraard alleen als men van de naaste familie een DNA-profiel heeft als vergelijkingsmateriaal. Mensen die nog altijd naar familieleden zoeken, kunnen reeds nu hun DNA laten opslaan in de hoop dat er ooit een stoffelijk overschot met een daarbij overeenkomstig DNA gevonden wordt. Dit is belangrijk, want hoe meer tijd er verstrijkt hoe minder naaste familieleden nog in leven zijn. Momenteel staan er in ons land uit de oorlog naar schatting nog ongeveer vijfhonderd Nederlanders als vermist geregistreerd. Wordt alsnog een graf gevonden, dan kan het worden geopend. Van de stoffelijke resten wordt DNA afgenomen. Het Nederlands Forensisch Instituut stelt dan een DNA-profiel op. Dit alles gebeurt in nauwe samenwerking van de politie met de Gravendienst van de Koninklijke Landmacht en het Nederlandse Rode Kruis. Kunnen ook de lezers van dit blad iets doen? Missschien is er iemand die gehoord heeft dat er ergens zomaar mensen zijn doodgeschoten en begraven. Neem dan contact op met de Gravendienst t.a.v. Sgt. P. van Aalderen, tel. 033-4662442; e-mail Otclog.bergingsenidentificatiedienst@rnla.mindef.nl. Weet iemand iets naders over Paul Bonnike? Misschien zullen we het nooit weten, maar misschien ook komt er nog eens nadere informatie te voorschijn. De hoop hierop hebben zijn familie en vrienden nooit opgegeven.

 

Delen |

Reacties en toevoegingen

Er zijn nog geen reacties geplaatst bij dit artikel

U bent niet ingelogd. U kunt uw reactie plaatsten door uw gegevens in te vullen in het onderstaande formulier.



* *
Beantwoord controlevraag*

Nooit meer de controlevraag beantwoorden?
Meld je aan of Log in.

Klik & Win acties

Doe mee en win! De laatste Klik & Win acties van dé Weekkrant.

PRIMAVERA Gratis naar Wouter Hamel Win dvd-box Glamourland Raadjeplaatje Win een sjaal van Heracles Almelo

meer Klik & Win acties »

Overig nieuws uit De Veluwepost

» meer nieuws

Digikrant

archief

Uw regio

Verkeer

Gemeente van het jaar

Shop

Shop

Spaan

Columns Henk Spaan

Arjen Kookt

Arjen Kookt

Sport

Sport

Wonen

Wonen

Auto

Auto

Werken

Werken

Mensenlinq

Mensenlinq

Deweekkrant.nl op uw mobiel? Klik hier.