Het was een vreemd weekend, dat vermoedelijk te wijten was aan de naderende volle maan. Vrijdagmiddag lag ik met open balkondeuren die de late herfstzon binnen lieten, op de bank naar de televisie te kijken. Er was schaatsen. Ze hadden Mart Smeets ontdooid, de ogen van Ria Visser spraken in deze fase van het seizoen al boekdelen en Bart Veldkamp had geen idee wat hij daar deed.
“De baan in Heerenveen slaat wit uit”, zeiden ze. Buiten was het achttien graden. De televisie bood een tafereel van hallucinerende proporties.
Dat werd er niet beter op toen ik naar België zapte. Daar hadden ze ook iemand of iets ontdooid: de hond van Prins Laurent. De prins wilde op gepaste wijze afscheid nemen van het al maanden dode dier. Je hoort wel eens iets over doorgefokte hondenrassen, maar doorgefokte koningshuizen mogen er qua bizar gedrag ook zijn. Toegegeven Berner Sennens zijn lieve honden, althans op de foto. Maar aan iemand die zijn overleden hond laat invriezen om het lijk op Allerheiligen in het herfstzonnetje te leggen waar het door de hondenbegrafenisondernemer wordt opgewarmd en opgepimpt opdat het baasje zijn ontroering de vrije loop kan laten, moet een flinke draad los zitten. Hij is dan ook voorzitter van iets wat ‘Koninklijke Stichting voor het Welzijn van Huisdieren en Wilde Dieren’ heet. Huisdieren en wilde dieren? Waarom dan niet gewoon Dieren? Het is een gek koningshuis en dat is het. Misschien heb ik er toch liever een dat de belasting omzeilt en op olifanten jaagt.
Aan het einde van de bizarriteiten van de dag zag ik een hockeyblondje met een paardenstaart die de woordvoerster bleek te zijn van een veertienjarig meisje dat van de rechter niet mag wegzeilen naar de horizon. Het leek me terecht. Een meisje van veertien dat in plaats van ouders een advocaat en een woordvoerster nodig heeft, kan maar beter een goede dokter nemen. Ze heeft ons laten weten dat ze vierentwintig uur lang om de tien minuten de wekker gaat zetten om sommen te maken. Zo hoopt ze alsnog het zeegat te mogen uitvaren. Wedden van niet?