College blundert in aanpak overgangsrecht permanent bewoonde recreatiewoningen
ERMELO - De gemeenteraad heeft het college teruggefloten inzake de verandering van het overgangsrecht van permanent bewoonde recreatiewoningen. Zo ga je niet met je burgers om, was het eensluidende oordeel. “We zijn ernstig in verlegenheid gebracht”, verwoordde Jan van Eijsden (CU), “met de wijze waarop er gecommuniceerd is met de burgers. De uitermate gevoelloze brief aan de bewoners is in strijd met de afspraak die wij hebben gemaakt. Het is buitengewoon teleurstellend en wij zijn zeer begaan met de positie van de bewoners.” Ook vond de raad unaniem dat het college eerst met de belanghebbenden naar oplossingen had moeten zoeken, in plaats van ze op zo’n botte manier voor een voldongen feit te zetten met zulke verstrekkende gevolgen. Het college heeft flink geblunderd met de wijze waarop werd gedacht de verandering van het overgangsrecht voor permanent bewoonde recreatiewoningen, op te nemen in het nieuwe bestemmingsplan Recreatieterreinen. Daar waren alle partijen, de gemeenteraad en belanghebbenden, het wel overeens donderdag in de raadsvergadering. In de eerste plaats de brief die eerder bij bewoners en eigenaren plompverloren op de mat was ‘gegooid’. Het gaat om belanghebbenden van de 180 recreatiewoningen waar de gemeente al heel lang mee in de maag zit. De woningen werden namelijk al permanent bewoond voordat de gemeente vanaf 1996 actief ging handhaven op permanent bewoonde recreatiewoningen. Volgens de belanghebbenden werden de woningen in 1996 door de gemeente Ermelo officieel gelegaliseerd en een objectgebonden overgangsrecht toegekend. Zonder dat iemand het aan had kunnen zien komen en actie kon ondernemen, werd hen in de brief meegedeeld dat hun woning volgens de overgangsregels van de nieuwe Wet ruimtelijke ordening, niet meer zou vallen onder het objectgebonden overgangsrecht. Wat betekent dat zodra het nieuwe bestemmingsplan Recreatieterreinen ingaat, zij illegaal in hun huis wonen. Het college meende redelijk te zijn door de bewoners daarom een persoonsgebonden overgangsrecht te bieden. Dan zou er niets aan de hand zijn, zolang ze er maar zouden blijven wonen. Saillant detail is echter dat bij een persoonsgebonden overgangsrecht het nog steeds zou gaan om een uitsterfregeling. Bij de actualisatie van het bestemmingsplan Recreatieterreinen, dat binnen tien jaar moet gebeuren, zal het persoonsgebonden overgangsrecht waarschijnlijk alsnog definitief van de huisjes afgaan. Daarnaast vond de raad de toon van de raadsbrief over het onderwerp ronduit aanmatigend. Het college vindt namelijk dat de belanghebbenden niet worden gedupeerd. Het gaat immers om een overgangsrecht dat illegaal wonen soms al tientallen jaren dekt. Het college is in die zin van mening dat de eigenaar juist veel voordeel heeft gehad van de lange duur van het overgangsrecht. De bewoners echter gaan er van uit dat de woningen met toestemming van de gemeente permanent mogen worden bewoond. Nog tot voor kort, zo gaf een belanghebbende aan, is een recreatiewoning gekocht omdat er een objectgebonden overgangsrecht op zat. Dus werd de prijs betaald van een reguliere koopwoning. Ook oordeelde de raad dat het college het maatschappelijke effect van de verandering heeft onderschat. Nogal wat huizen in recreatieparken worden namelijk al sinds de jaren tachtig tijdelijk bewoond door jongeren die geen woonruimte kunnen vinden of sparen voor een ‘normale’ woning tot mensen die in een scheiding liggen en zo snel niet ergens anders terechtkunnen. Wethouder Jan van den Bosch toonde zich hoogst ongemakkelijk onder alle kritiek. In weerwil op de raadsbrief zei hij: “Wij willen het liefst ook de kwestie laten zoals die nu is. De wet laat ons echter geen keuze. Een oplossing voor deze zaak zou evenwel een geschenk uit de hemel zijn. Want wij realiseren ons ook dat ondernemers in de problemen komen en mensen er fors op verliezen.” Legaliseren van de woningen is geen optie volgens Van der Bosch omdat het aantal dan moet worden meegeteld in het Kwalitatief Woningbouw Programma. (KWP). Waarop SGP-er Leo van der Velden opmerkte: “De maten van de woningen voldoen niet aan het bouwbesluit, en vallen dus niet onder het KWP.” Daarnaast kwam Van der Bosch nu pas op het idee om juist met de betrokkenen op zoek te gaan naar oplossingen. Al is het geen excuus, maar de vaststelling van het bestemmingsplan Recreatieterreinen zou debet kunnen zijn aan het geblunder. Het college stelt het plan immers het liefst op de korte termijn vast, om recreatie-eigenaren niet langer in het ongewisse te laten. Of het bestemmingsplan moet worden aangehouden, beraadt het college zich over, alsook het dwingende verzoek van de raad om alle bewoners een correctie op de eerste brief te schrijven. Daarnaast overweegt het college op aanraden van de raad, of de informatiebijeenkomst op 14 september over het onderwerp wel door moet gaan. Stel van wel, dan zou deze vanaf 19.30 uur moeten plaatsvinden, in plaats van de onmogelijke tijd van 18.00 uur.