Ik de smoesjesmaker heeft het zaterdagochtend afgelegd tegen ik de hardloper. De smoesjesmaker zei dat ik slecht geslapen had. En ik had de avond tevoren drie glazen zwaar bier gedronken. En het was koud en grijs. De buitenwegen hadden duidelijk nog gladde stukken, had ik vrijdagmiddag zelf vastgesteld. En motsneeuw, dat woord zei toch feitelijk al genoeg.
Maar nee, ik de hardloper was onverbiddellijk. Gewoon een extra laagje kleding aan, de schoenen aan en hop naar buiten. Buiten viel alles natuurlijk enorm mee, en de training ging fijn. Buiten lopen blijft toch echt het fijnste. Ook deze week ben ik wel één keer uitgeweken naar de loopband. Het is fijn dat het kan, maar de band zelf blijft een saaie boel. Nu ben ik dus ook mijn derde week probleemloos doorgekomen. Nog zeven te gaan.
Over de snelheid van twaalf kilometer die ik op tweede Paasdag als gemiddelde zou gaan lopen begin ik een iets minder grote mond te krijgen. Op de loopband kun je de snelheid zelf instellen. Ik heb wel wat stukjes op tempo twaalf gelopen, maar zie nog niet hoe ik dat tien kilometer achter elkaar ga volhouden. We zullen zien.