In het regulier onderwijs moeten meer leerlingen met een speciale hulpvraag opgevangen worden. Tevens staan er grote bezuinigingen op het programma. Op welke wijze kunnen scholen dan nog passend onderwijs realiseren? Co-teaching lijkt een antwoord te geven.
Co-teaching betekent twee leraren in de klas. Samen zijn ze verantwoordelijk voor het lesgeven aan alle leerlingen. Er zijn verschillende vormen van co-teaching mogelijk: leraren geven afwisselend les terwijl de ander ondersteunt, zij geven allebei hun eigen vakken of zij geven allebei leiding aan enkele groepjes.
Co-teaching is niet nieuw. In Nieuw-Zeeland, Canada, de VS en Oostenrijk wordt al gewerkt met co-teachers. Uit onderzoek blijkt dat co-teaching positieve effecten heeft op de leerlingresultaten en het klassenklimaat.
Op welke wijze worden twee leerkrachten in een klas bekostigd? Dian Fluijt, projectleider co-teaching bij het Seminarium voor Orthopedagogiek: “ Momenteel worden leerlingen die extra begeleiding nodig hebben ondersteund door een ambulant begeleider. Deze ambulant begeleiders worden betaald vanuit het ‘rugzakje’. Als de ‘heroverweging Passend Onderwijs’ van de staatsecretaris er toe leidt dat de rugzak wordt afgeschaft, wordt het geld niet meer aan één leerling besteed, maar aan de school van de leerling. Dit geld zet je om in meer handen in de klas. Een co-teacher kan gekoppeld worden aan een school of klas, kan leerlingen met vergelijkbare ondersteuningsbehoeften samen les geven en heeft in tegenstelling tot de ambulant begeleider geen reistijd.”
Binnen het Seminarium voor Orthopedagogiek is een cursusaanbod ‘co-teaching’ ontwikkeld. De cursus is bestemd voor ambulant begeleiders en leerkrachten uit het onderwijs die als co-teacher willen gaan werken. Ria Goedhart, studieleider bij het Seminarium voor Orthopedagogiek: “De cursus bestaat uit lesgebonden bijeenkomsten waarin het samen zorg en verantwoordelijkheid dragen voor de leerlingen centraal staat. Daarnaast voeren de studenten opdrachten uit in de onderwijspraktijk. Een aantal scholen, waaronder de Christelijke Scholengemeenschap Walcheren die op het VMBO met leerpleinen werkt, hebben al stageplaatsen ter beschikking gesteld. De studenten en de scholen doen zo ervaring op met co-teaching en worden in de gelegenheid gesteld onderzoek te doen naar de effecten ervan.”
Op het Pontes Goese Lyceum wordt al met co-teachers gewerkt. Dian Fluijt, die onder meer in Oostenrijk (Graz) ervaringen opdeed met co-teaching begeleidt dit proces: “Het Pontes Goese Lyceum heeft een heldere visie op het bieden van Passend Onderwijs. Zij hebben ervoor gekozen om het concept co-teaching een belangrijke plaats te geven. De school erkent nadrukkelijk dat er verschillen zijn tussen leerlingen en dat dit zichtbaar moet zijn in de wijze waarop het onderwijs georganiseerd wordt. Ik denk dat het Pontes Goese Lyceum op het gebied van co-teaching een voortrekkersrol in het Zeeuwse voortgezet onderwijs gaan vervullen.”
Op woensdagmiddag 15 juni brainstormen directieleden, teamleiders, ambulant begeleiders, leraren en projectbegeleiders op het regiokantoor van het Seminarium voor Orthopedagogiek te Middelburg over de mogelijkheden om co-teaching in het Zeeuwse verder vorm te geven. Geïnteresseerden zijn van harte welkom! Opgave bij: marga.wiersema@hu.nl