Inmiddels zijn we aanbeland in een periode van stilzwijgen rondom het Groninger Museum. Iedere partij in dit spel is zijn kaarten aan het schudden en het is wachten op het startschot. Welke partij zal de joker op tafel gooien en wanneer? Zal wethouder Schroor het eind van zijn termijn halen in het Groningse college? Kunnen we verwachten dat de Groningse Raad, College & Burgemeester hun verantwoordelijkheid als volksvertegenwoordigers zullen nemen?
De Stadspartij Groningen heeft inmiddels een raadsonderzoek aangevraagd en een onderzoek laten doen naar de gehele situatie. De uitslagen van Het Expertise Centrum zijn inmiddels gepubliceerd. Inmiddels worden achter gesloten deuren al gesprekken gevoerd en het zou niet verbazingwekkend zijn als er geheimhouding wordt geëist van de betrokken partijen. Het College & Burgemeester in Groningen hebben wat Trots op Nederland betreft totaal geen krediet meer bij de Groningse burgers door hun herhaaldelijk falen en de opeenstapeling van problemen. Hun ego’s in het verleden worden hun nu in het gezicht geworpen. De crisis heeft het in principe onmogelijk gemaakt om met bepaalde projecten door te gaan, echter weigert het College af te wijken van zijn zelfvernietigende pad.
Vreemd zijn wel de geruchten dat de heer van Twist zou zijn gechanteerd. We kunnen stellig aannemen dat nu de duimschroeven wat strakker aangedraaid worden alle betrokkenen beginnen te zweten én te praten. Uiteindelijk komt een ieder toch op voor zijn eigen belangen. De dubieuze rol die wethouder de Vries in dit spel speelt moet nog aangetoond worden. Naar zijn zeggen is de communicatie van het museum naar de gemeente toe niet vlekkeloos verlopen. Tevens zorgen de diverse financiële bronnen voor een niet loepzuiver beeld. OCSW is verantwoordelijk voor de cultuursubsidies en RO/EZ is verantwoordelijk voor het vastgoedbeheer.’ Signalen over eventuele problemen zijn weliswaar te laat opgepikt’, aldus de Vries
Het mag ook op zijn minst merkwaardig genoemd worden dat de Provinciale Staten eisen dat de verantwoordelijk betrokkenen moeten opstappen. Aangezien de rol van de Provincie in deze kwestie misschien niet een leidende is geweest maar wel een controlerende. De PS én de Gemeente Groningen hebben namelijk samen een financiële toezichthouder aangesteld. Verder is het ook vreemd dat de andere politieke partijen in de Gemeente Raad en de Provinciale Staten zich totaal niet uitlaten omtrent deze affaire. Is hier sprake van gereserveerdheid of zit er meer achter?
Van ‘zeer indringende gesprekken’, aldus wethouder Ton Schroor, tussen de Gemeente Groningen en de Provinciale staten zal zeer zeker sprake zijn, alleen in een té laat stadium. De wethouders van de Gemeente Groningen en de verantwoordelijken bij de Provinciale Staten zijn hun strategie aan het voorbereiden. Het zal wel weer een tactiek worden van ‘de handen wassen in onschuld’. We moeten niet vergeten dat de Provincie Groningen en specifiek D66 partijgenoot van wethouder Ton Schroot, de Gedeputeerde Piet de Vey Mestdagh, verantwoordelijk is voor de toezicht op de financiën van de Gemeente Groningen. Tevens heeft deze cultuur in zijn portefeuille. Dus we kunnen wel stellen dat D66 in de stad verantwoordelijk is voor cultuur, de cultuurnota’s en de subsidies.
Voorlopige conclusie:
De Raad van Toezicht, de heer van Twist, de verantwoordelijke wethouders bij de Gemeente hebben gefaald én tevens ook de Provincie Groningen, bigtime! Het is tijd dat er koppen gaan rollen in deze kwestie tot op het hoogste niveau. Hoge ambtenaren bij OCSW en RO/EZ mogen niet worden overgeslagen in dit onderzoek. Ook zij zijn medeverantwoordelijk in dit geval. bij De politiek in Groningen zal een voorbeeld moeten stellen wil deze nog serieus worden genomen door de burger.
Trots op Nederland is van mening dat het tijd is dat er in Groningen met een schone lei wordt begonnen, nadat alle prestige projecten zijn afgelast en financiële debacles uit de wereld zijn geholpen. Wil Groningen de kop boven water houden en een gezonde concurrerende positie verwerven in Nederland zullen we ons toch wat meer moeten richten op burgers, economie en infrastructuur en ophouden met te geloven in sprookjes.